Ons land haalt zijn elektriciteit uit een mix van energiebronnen: steenkool en gas, biomassa, een weinig waterkracht, steeds meer wind- en zonne-energie, en nog altijd meer dan de helft kernenergie. Elke energiebron heeft haar voor- en nadelen. Voor kernenergie wordt het langlevend radioactief afval tot die laatste gerekend. Dat afval wordt nochtans zorgvuldig beheerd met beproefde methoden. En dankzij de evolutie van de technologie wordt dit afval wellicht ooit zelf een nieuwe bron van energie.
Nadelen
Hernieuwbare energie is afhankelijk van het weer. Steenkool is slecht voor het klimaat. Gas ook, zij het in mindere mate. Het is dan weer gevoelig voor geopolitieke instabiliteit. Kernenergie ten slotte leidt tot radioactief afval, waarvan een deel generaties lang een risico oplevert voor mens en milieu.
Risicospreiding
De uitdaging is om die nadelen en risico’s te spreiden en te beheren. Om het risico aanvaardbaar te maken, moet er ook voldoende voordeel zijn. Neem kernenergie. Ze levert in België al meer dan 30 jaar veilig en ononderbroken stroom voor de gezinnen en de industrie. Tegenover de radioactieve afvalstoffen uit de nucleaire geneeskunde staan vele duizenden diagnoses en levensreddende therapieën.
De gemeenschap is betrokken partij
Omdat het risico van radioactieve afvalstoffen de hele gemeenschap aanbelangt, is het beheer een taak van openbaar nut die is toevertrouwd aan een nationaal agentschap (NIRAS). Lokale gemeenschappen die radioactief afval op hun grondgebied toelaten, krijgen inspraak. De bewoners van Mol en Dessel beslissen mee over de oppervlakteberging in hun gemeente. De bevolking heeft recht op een klare kijk op het risico.
Afvalbeperking
Afvalbeperking is een hoofdbekommernis bij de ontwikkeling van nieuwe technologie. Dat blijkt ook duidelijk bij de nieuwe reactoren die zijn ontworpen om minder afval te produceren. De European Pressurized Reactor (EPR), die in Finland en Frankrijk in aanbouw is, zal 15% minder langlevend afval produceren.
Opwerking en recyclage beperken nu al het volume radioactief afval: een gebruikt splijtstofelement dat uit de reactor komt, bevat 97% herbruikbare stoffen. In België wordt dit proces voorlopig niet meer toegepast. Daarnaast loopt er onderzoek naar technieken waarmee de levensduur van het kernafval drastisch kan worden verkort.
Geologische berging
Ons land werkt aan de ontwikkeling van een project voor geologische berging van het hoogradioactieve afval. Diepe, stabiele kleilagen in de Kempense ondergrond blijken geschikt om het hoogradioactieve afval veilig te bergen. Het kan daar goed gecontroleerd en bewaakt worden bewaard. Het blijft ook opspoorbaar. Belangrijk, want wie weet laat de technologische vooruitgang ooit toe om het te recupereren voor nieuwe doeleinden. NIRAS zal de bevolking over die oplossing informeren en raadplegen.
Provisies voor de toekomst
Vandaag geniet de huidige generatie van de voordelen van de nucleaire elektriciteitsproductie. Daarom dragen wij voor het beheer op lange termijn via de elektriciteitsprijs bij tot een ‘spaarpot’. Dat past in het principe van ‘de vervuiler betaalt’.
Op 10 juli 2009 heeft het Nucleair Forum een dossier met als thema kernafval verspreid in een aantal dagbladen.
Artikels over Afval
In België staat Belgoprocess garant voor de tussentijdse opslag van radioactief afval. Na positief overleg met de overheden kan vanaf 2016 in Dessel oppervlakteberging mogelijk worden. Voor berging in diepe geologische lagen heeft België wetenschappelijke studies uitgevoerd waarvan de resultaten gunstig blijken. Maar de beslissing moet nog worden genomen. Daartoe organiseert de Nationale instelling voor radioactief afval en verrijkte splijtstoffen (NIRAS) een participatief besluitvormings- en beslissingsproces.
Het beheer van radioactieve afvalstoffen is een taak van openbaar nut en is toevertrouwd aan een nationaal agentschap. Iedere producent van radioactief afval betaalt voor het beheer ervan. Zo wordt voor het beheer van radioactief afval, voortvloeiend uit de productie van elektriciteit, de kWh-prijs met enkele eurocenten verhoogd om de toekomstige kosten te dekken.
In centrales verarmt uranium langzaam aan tijdens de kernreactie. Zo wordt de splijting langzaamaan minder efficiënt. Om elektriciteit efficiënt te produceren wordt het uranium regelmatig uit de kern van de centrale verwijderd en vervangen door nieuwe splijtstof.
In juni 2006 besliste de Belgische regering dat het laag- en middelactief en kortlevend afval in de Kempense gemeente Dessel geborgen zal worden in een installatie aan de oppervlakte. Daaraan ging jarenlang overleg vooraf met de lokale bevolking van de gemeenten die voor de berging in aanmerking kwamen.
Het radioactief afval vertegenwoordigt 0,02% van alle huishoudelijk en industrieel afval dat in België wordt geproduceerd. Bij gelijke productie van kernenergie wordt de hoeveelheid geproduceerde afvalstoffen steeds kleiner. Oorzaken? Betere industriepraktijken en onderzoek.
Er zijn in Europa al bergingssites in gebruik voor de oppervlakteberging van kortlevend laagradioactief afval.
Voor andere categorieën van afval hebben landen als Finland en Zweden, na uitgebreide wetenschappelijke studies, beslist om bergingsplaatsen in diepe geologische lagen in gebruik te nemen. In België streeft NIRAS naar een principebeslissing over de strategie voor het langetermijnbeheer van het hoogradioactief afval en zal daarbij de bevolking betrekken.
Nadat gebruikte splijtstof de centrale verlaat, kan zij worden opgewerkt. Uranium en plutonium worden daarbij teruggewonnen om opnieuw te gebruiken in splijtstofelementen.
Het kernafval van de Belgische nucleaire industrie vormt slechts een heel klein deel van de totale hoeveelheid afval geproduceerd in ons land.
De opwerking van splijtstofelementen van de Belgische kerncentrales vereist transport van afval. De belangrijkste transporten zijn in het verleden in alle veiligheid gebeurd. In de komende jaren zal nog een aantal transporten plaatsvinden.
Kernafval lijkt heel erg op het gewone afval van industrie en particulieren. Het verschil is dat het radioactief is en dus zorgvuldig moet worden afgeschermd van mens en milieu. De radioactiviteit neemt af met de tijd zodat het afval steeds minder gevaarlijk wordt. Die "halveringstijd" hangt af van het type afval.
Van alle aspecten in het debat rond kernenergie is het radioactieve afval het meest gevoelige. Dat komt omdat het beheer van dit afval een ethische dimensie heeft: hebben wij het recht om de toekomstige generaties te belasten met deze erfenis? Deze kwestie houdt ethici en sociologen bezig. Maar ook kunstenaars zijn ermee begaan en geven dit thema een plaats in hun werk.























