Home

Thema's

  • Afval
  • Bevoorrading
  • CO2
  • Expertise
  • Medische radio-isotopen
  • New Deal - New Build
  • Prijs
  • Toekomst
  • Toepassingen
  • Veiligheid

Met civiel uranium kan men geen atoombommen maken


Uranium dat wordt gebruikt in een kerncentrale, kan niet rechtstreeks in een atoombom worden verwerkt. Een heel strenge internationale controle is in werking om de verspreiding van kernwapens (proliferatie) te vermijden.

Om atoombommen te maken is splijtbaar materiaal nodig dat heel zuiver is. Niet-militaire fabrieken die verrijkt uranium produceren voor centrales zijn onvoldoende uitgerust om uranium aan te maken dat voldoende verrijkt is voor militaire doeleinden. Een atoomreactie produceert wel plutonium, maar dat is niet gescheiden van de gebruikte splijtstof, en is dus niet bruikbaar in een kernwapen. Deze – puur technologische – waarborgen zijn dus al groot.

Van alle sectoren in de wereld is de burgerlijke nucleaire sector waarschijnlijk die waar het meeste toezicht wordt gehouden. Er bestaat een echt ‘kadaster’ van radioactief materiaal. Het wordt gecontroleerd door Euratom en het IAEA (het Internationaal Atoomenergie Agentschap). Alle radioactief materiaal dat kerncentrales en nucleaire ondernemingen in de hele wereld verlaat, is tot op de gram nauwkeurig gekend en wordt zorgvuldig geïnventariseerd. Meer dan 200 landen in de wereld hebben het Non-proliferatieverdrag getekend. Ze kunnen dus op elk moment onderworpen worden aan internationale inspecties. De controle van radioactief materiaal vormt een belangrijke waarborg.

Tot slot is het belangrijk eraan te herinneren dat de burgerlijke nucleaire sector tot nu toe al meer heeft bijgedragen tot de vernietiging van wapens dan tot de productie ervan. Bij de uitvoering van programma’s voor nucleaire ontwapening zijn grote hoeveelheden uranium en plutonium ‘gedemilitariseerd’ door ze als splijtstof te gebruiken in kerncentrales.


Gepubliceerd: 23-01-2009 | Bijgewerkt: 30-01-2009